terug verder
sluit

“Gebaar, handeling en gestold moment zijn sleutelwoorden in mijn werk”


Tijdens een verblijf aan het EKWC in Den Bosch stond het vervallen huis in Assenede opnieuw centraal in een onderzoek. Het vlak van een muur die nog overeind staat, de vlakken van de deur- en raampartijen en de diepte van een achterliggend vlak door het ontbreken van een deur. Alle vlakken die samen het aanzien van het huis vormen, zijn vertaald in klei.
De contour van een bouwwerk is zichtbaar. Daarbinnen variëren de vlakken in vorm en in afstand tot de muur. Doordat elk vlak een andere oppervlaktebehandeling heeft gekregen is ook de huid steeds verschillend. Het geheel oogt massief, de totale uitstraling is er echter een van vergankelijkheid. De zouten en engobes die de huid van het werk gevormd hebben zijn hieraan debet. De tekening, het craquelé en het gebruik van zout, zorgt voor aantasting van de massieve uitstraling en maakt het werk kwetsbaar.
Gemanipuleerd verval heeft ook een rol gespeeld bij de totstandkoming van het andere werk dat gepresenteerd werd bij het EKWC. Het werk bestaat uit diverse onderdelen. Het lijken een soort van left-overs die zijn ontstaan bij de productie van gebruiksvoorwerpen. De kunstenaar heeft ze na droging blootgesteld aan een waterbad waaraan zouten waren toegevoegd. Door de zouten trad langzaam vormverval op. Hoeken werden ronder, de vormen ogen sleets. De vergankelijkheid is ook in dit werk ingetreden. Deze left-overs heeft Anne J. van Stuijvenberg later, tijdens een tentoonstelling in het KNMI park in De Bilt in het gras gelegd. Daar lagen zij op de grens van het keurig gemaaide gras en de chaos van het niet gemaaide. Ze leken daar aangespoeld en ontheemd te wachten op weer een nieuwe bestemming.

totaalbeeld

< terug